Nieuw pneumokokkenvaccin

Vaccineren is het meest effectieve middel gebleken om bepaalde infectieziektes buiten de deur te houden. Daarom kunt u in elk nummer informatie lezen over het Rijksvaccinatieprogramma (RVP) van de overheid. Deze keer: bredere bescherming tegen pneumokokken
Alle kinderen die geboren zijn op of na 1 maart 2011 krijgen een nieuw vaccin tegen pneumokokken.
Pneumokokkenziekte is een verzamelnaam voor ziekten die worden veroorzaakt door de bacterie Streptococcus pneumoniae. Er bestaan 92 typen van deze bacterie. Pneumokokken zitten vaak achter in de keel van gezonde kinderen en volwassenen. Vaker bij kinderen dan volwassenen. Besmetting vindt plaats door hoesten of niezen. Maar weinig van de besmette personen worden ziek. Als dat echter wel gebeurt, kunnen pneumokokken leiden tot ernstige, soms levensbedreigende ziekten als hersenvliesontsteking (meningitis), bloedvergiftiging (sepsis) en longontsteking (pneumonie). Vooral bij kinderen onder de twee jaar en ouderen komt de ziekte veel voor. De tijd tussen besmetting en ziek worden (incubatietijd) varieert van minder dan een dag (bij bloedvergiftiging) tot een week (bij hersenvliesontsteking).
Vaccinatie tegen de ziekte is sinds april 2006 opgenomen in het Rijksvaccinatieprogramma. De vaccinatie tegen pneumokokken wordt tegelijk gegeven met de inenting tegen DKTP-Hib(-HepB), maar op een andere plaats ingespoten. Kinderen krijgen de prik vier keer: met 2, 3, 4 en 11 maanden. Het oude vaccin beschermt tegen 7 typen pneumokokken. Bij gevaccineerde kinderen tot 2 jaar daalde daardoor het aantal ernstige infecties door pneumokokken die door het vaccin worden gedekt met 80%, maar er blijft nog pneumokokkenziekte door andere typen. Het nieuwe vaccin biedt een bredere bescherming. Tegen 10 typen pneumokokken. Daardoor zal het aantal ernstige infecties nog verder dalen.
Kinderen die geboren zijn op of na 1 maart 2011 krijgen het nieuwe vaccin ingespoten. De kinderen die voor 1 maart zijn geboren, maken hun inentingsprogramma af met het oude vaccin.
(Met dank aan Marina Conyn-van Spaendonck, arts-epidemioloog en programmamanager van het RVP)












Post new comment