Hypocrates, grondlegger artsenopleiding

Wraak van de goden
Naast het oprichten van een artsenopleiding had Hippocrates een ander doel. Hij wilde een eind maken aan het bijgeloof dat veel mensen in zijn tijd hadden. Men dacht dat ziekte veroorzaakt werd door goden die kwaad waren op de aardbewoners. Uit wraak zouden deze goden in staat zijn mensen ziek te maken. Hippocrates probeerde zijn tijdgenoten te leren dat ziekte een natuurlijke oorzaak heeft en veroorzaakt wordt door een verstoring in het lichaam.

Artsen van nu leggen de eed van Hippocrates af. Daarmee hebben zij geheimhoudingsplicht en verklaren zij onder meer dat zij niemand kwaad zullen doen en patiënten zo goed mogelijk zullen helpen. Hippocrates legde deze ethische regels meer dan tweeduizend jaar geleden vast.
Artsen van nu leggen de eed van Hippocrates af. Daarmee hebben zij geheimhoudingsplicht en verklaren zij onder meer dat zij niemand kwaad zullen doen en patiënten zo goed mogelijk zullen helpen. Hippocrates legde deze ethische regels meer dan tweeduizend jaar geleden vast.
Over het leven van Hippocrates is maar weinig bekend. Hij leefde van 460 tot 377 v. Chr. Hij besloot net als zijn vader dokter te worden. Ethische vragen als wat een goede arts is en waaraan hij zich heeft te houden, vond Hippocrates belangrijk tijdens zijn studie. Die interesse is terug te vinden in wat hij later op papier zette. Vooral in de eed van Hippocrates, waaraan zijn naam is verbonden, komt het belang van ethiek sterk naar voren.
Filosofie
Hippocrates zette in Athene een artsenopleiding op poten, gaf er les en introduceerde filosofie in zijn lessen. Daarnaast leerde hij zijn studenten dat het belangrijk was dat de patiënt niet alleen op de zorg van de arts vertrouwde, maar ook op zichzelf.
Zelf was Hippocrates lang niet altijd even trouw aan de ethisch normen die hij verkondigde. Hij vertelde niet altijd, of slechts gedeeltelijk, wat de diagnose was en aan patiënten die een grotere kans hadden om te overleven, besteedde hij meer tijd dan aan degenen met slechtere vooruitzichten. De arts kon zo niet de schuld van de dood krijgen. Maar zijn ethische opvattingen en ideeën gelden nog steeds. Die zijn tijdloos.
De eed van Hippocrates
Enkele passages uit de eed:
• ”Ik zal naar mijn beste oordeel en vermogen en om bestwil mijner zieken hun een leefregel voorschrijven en nooit iemand kwaad doen. Nooit zal ik, om iemand te gerieven, een dodelijk middel voorschrijven of een raad geven die, als hij wordt gevolgd, de dood tot gevolg heeft.”
• ”In ieder huis waar ik binnentreed, zal ik slechts komen in het belang van mijn patiënten. Ik zal mij verre houden van iedere welbewuste slechte daad en van elke verleiding, in het bijzonder van de geneugten der liefde met mannen of vrouwen.”
• ”Al hetgeen mij ter kennis komt in de uitoefening van mijn beroep of in het dagelijks verkeer met mensen, en dat niet behoort te worden rondverteld, zal ik geheimhouden en niemand openbaren. Moge ik, als ik deze eed getrouwelijk houd, vreugde vinden in mijn leven en in de uitoefening van mijn kunst, maar moge het tegenovergestelde het geval zijn indien ik hem schend.”

















